• Berg onzin

    Journalist Thijs Zonneveld riep vorig jaar in een jolige bui dat er in Nederland eigenlijk een berg zou moeten zijn. Dan hoef je als fietser niet helemaal naar België of Frankrijk te rijden om een fatsoenlijke berg te beklimmen, maar kun je gewoon in het rustieke flevoland terecht. Flevoland met zijn rijke cultuur, goede keuken en dat ‘ik-ben-heerlijk-op-vakantie-gevoel’. Dat Flevoland.

    Na een paar dagen hadden allerlei mensen de meest wilde plannen en werd er daadwerkelijk een taskforce gevormd die de haalbaarheid van het idee gingen onderzoeken. Ineens blijken er aan de berg allemaal voordelen te zitten die aan normale bergen niet zitten. Zo moet er een waterkrachtcentrale in, zijn voedselplantages voorzien, en maken metrotunnels, liften en windmolens het verhaal compleet. Ik ben direct onder de indruk. Niet van het plan want dat slaat natuurlijk nergens op, maar van de hoeveelheid tijd die blijkbaar op academisch niveau nog beschikbaar is om over dit soort ‘ideeën’ na te denken. Volgens mij is het namelijk heel simpel. In Amsterdam krijg je geen woning van 10 meter hoog gebouwd zonder dat je eerst 4 kilometer palen de grond in hijst. Doe je dat niet, dan zakt de ‘petik’ gelijk diep onder Amsterdamsch Peil, en is de inspanning zinloos geweest. Een berg van 2000 meter hoog zakt door het gewicht sneller de grond in dan dat je er ‘verdiepingen’ op zet. Leuk om te zien, maar minder leuk om te betalen.

    Dat is namelijk misschien wel het belangrijkste aspect. Wiskundigen – want blijkbaar moet je wiskunde gestudeerd hebben om dit soort berekeningen te kunnen maken – hebben uitgerekend dat deze berg 7.000.000.000.000 (7 biljoen) euro gaat kosten. Dat is een berg geld. Met de niet-zo-heel-wiskundige-maar-oh-zo-betrouwbare wetenschap dat deze berekening er minstens 35% naast zit kunnen we er dus met het grootste gemak vanuit gaan dat die berg 10 biljoen Euro gaat kosten.

    Ik fiets wel eens een toertocht in Zuid-Limburg en wordt daar meestal door randstedelingen met een grote muil ingehaald voor klimmetjes als ‘de Keuteberg’, ‘Eyserbosweg’ en ‘Cauberg’. Twee meter bergopwaarts stapt 90% van dit volk af en kluunt met de fiets aan de hand naar boven. We hebben het hier over hooguit 75 meter klimmen. Voor 90% van de mensen in het verheven westen is een berg van 2 kilometer dus bijna 1,9 kilometer te hoog. Een snelle berekening volgens de JBF-methode leert ons dan dat er nog 7250 fietsers zijn in een straal van 100 kilometer rond die berg die er tegenop kunnen en willen fietsen. De rest loopt omhoog of zet de fiets in de lift en bedwingt zo deze Nederlandse Alp. Delen we dat door de kostprijs van de berg dan is dat een bedrag van meer dan 1 miljard per fietser. Da’s de moeite waard.

    Omdat geologen al gezegd hebben dat de enige locatie waar deze berg kan komen in zee is, ben ik op zoek gegaan naar een geschikte locatie. De Noordzee kan eigenlijk niet. Ik heb derhalve net naast IJsland – en dat is ook handig in verband met de wintersportmogelijkheden – een geschikte locatie gevonden. We krijgen nog een paar centen van die gasten, dus die doen vast niet moeilijk Je kijkt uit op de Bárðarbunga. Een berg op IJsland van ongeveer 2009 meter hoog. Enige nadeel is dat de zeebodem daar ongeveer 2 kilometer diep is. Als je klaar bent met je berg steekt het puntje dus net boven de zeespiegel uit. Kun je daar mooi een Nederlands vlaggetje aan vast maken. Een vlaggetje van 10 biljoen euro.